Struikelstenen in Deventer

foto ingangTot zijn deportatie verbleef hij op Brinkgreven, Brinkgreverweg 248: (op foto: oude ingang Brinkgreven).

naam geboren te datum overleden te datum
Hartog van Adelsberg Groningen 29-06-1889 Sobibor 23-04-1943

Adelsberg dochterHartog  zat van 9 september 1896 tot 12 juni 1905 op de Groningse dovenschool. Volgens de gegevens van de school was hij doof geboren. Behalve dat Hartog doof was, was hij ook slechtziend. Hij leerde op het Blindeninstituut in Amsterdam braillelezen (bron: dovenshoa.nl).

Hartog was getrouwd in 1916 te Groningen met Sientje Polak (1892 Groningen, 1942 Auschwitz).
Ze kregen vier kinderen: Willem Julius (1919 Leeuwarden; 1943 Auschwitz; handelsreiziger), Esther (1921 Leeuwarden; 1927 Leeuwarden; overreden door een aardappelkar), Henny (1922 Leeuwarden; 1943 Auschwitz; verkoopster) en Emile (1926 Leeuwarden; 1943 Auschwitz; smid).
Op de foto links: dochter Henny in 1934 in de 5e klas te Leeuwarden.

Hartog leerde het vak van kleermaker en werkte in Hamburg en Emden; was later koopman te Leeuwarden en Sientje was vertegenwoordigster in een damesconfectiebedrijf.

Hartog verbleef in psychiatrisch ziekenhuis Santpoort, maar werd in 1942 geëvacueerd met een paar andere joodse patiënten naar Brinkgreven; dit vanwege de "Atlantic-wall", de door de Duitsers aan te leggen verdedigingslinie aan de kuststrook.

Hij verbleef op 13-4-1943 in een paviljoen op Brinkgreven toen de politie hem kwam halen met de andere joodse patiënten uit Brinkgreven. Daar kwam hij dezelfde dag aan in Kamp Westerbork (barak 3) en met de eerstvolgende trein, op 20 april 1943, werd hij naar Sobibor gedeporteerd, waar hij bij aankomst drie dagen later is vergast.