Struikelstenen in Deventer

Rielerweg102Tot hun deportatie woonde het gezin Nijstad aan de Rielerweg 102.

naam geboren te datum overleden te datum
Bernard Nijstad Diepenheim 02-04-1872 Auschwitz 01-02-1943
Rebekka Nijstad- Windmuller Hengelo (Gld) 26-09-1877 Auschwitz 01-02-1943
Emilie Nijstad Lochem 25-07-1907 Sobibor 11-07-1943
Herman Nijstad Lochem 16-11-1918 Mauthausen 25-11-1942

Hier woonde vanaf 1934 Bernard Nijstad met zijn vrouw Rebekka Windmuller en kinderen Emilie, Herman en Bram; Bram overleefde de oorlog. Op de foto's onder van links naar rechts: Bernard, Rebekka, Emilie en Herman.
Bernard NijstadRebekka Nijstad WindmullerEmilie NijstadHerman Nijstad
Zij kwamen uit Lochem waar Bernard een manufacturenwinkel had die in 1935 failliet werd verklaard.

faillissement manufacturenzaak Nijstad 1935Bernard is geboren in 1872 in Diepenheim en trouwde in 1902 met Rebekka uit Hengelo Gelderland. Hun drie kinderen zijn in Lochem geboren, Abraham in 1903, Emilie in 1907 en Herman in 1918.
Bernard hield van wandelen, hij behaalde zijn 100e medaille in 1938 bij een georganiseerde afstandswandeling door wandelvereniging “De Hooiplukkers”.
Zijn zoon Abraham, die de oorlog overleefde,  was ook een fervent loper.

advertentie pedicure Emilie Nijstad 1940Emilie was pedicure en kwam in augustus 1939 vanuit Amsterdam weer thuis wonen. Ze werkte vanuit haar ouderlijk huis.

Zoon Bram is in 1938 getrouwd met Coby Baart en kreeg met haar drie kinderen: Betty in 1939, Benno in 1942 en Coby is geboren in 1946. Het gezin is in Deventer blijven wonen waar Bram etaleur was. In 1986 is Bram overleden.

Zoon Herman verhuisde in 1938 vanuit Deventer terug naar Lochem. Daar was hij winkelbediende en later lakspuiter. Hij was lid van de joodse gemeente Lochem en in 1935 lid van het kerkbestuur.

Emilie stond als verzorgster van lijkkleding voor de Joodse Gemeente op een lijst van "onmisbare" personen van de Joodse Raad in 1941 en 1942.

In september 1942 is zoon Herman ondergedoken. Hij werd verraden en is op 25 november 1942 omgekomen in Mauthausen.
In oktober 1942 zijn ook Bernard, Rebekka en dochter Emilie ondergedoken. Ook zij werden verraden. Bernard en Rebekka kwamen op 15 januari 1943 aan in Westerbork en zijn een paar weken later op transport naar Auschwitz gegaan, waar ze bij aankomst drie dagen later zijn vergast op 1 februari 1943 in Auschwitz. Dochter Emilie bleef alleen in Westerbork achter. Hoogstwaarschijnlijk kon zij zich als verpleegster nuttig maken in Westerbork. Toch moest ook Emilie op transport. Op 13 juli 1943 vertrok ze naar Sobibor waar ze drie dagen later werd vergast.