Struikelstenen in Deventer

door Johan van der Veen (1)

Tot zijn arrestatie op 25 juni 1941 woonde hij aan de Averlostraat 22.  

naam geboren te datum overleden te datum
Peeke Bosma Sneek 18-12-1908 Schloss Hartheim 01-12-1942

Jeugd in Friesland

Peeke Bosma als militairPeeke Bosma (op foto in militair uniform omstreeks 1932) werd op 18 december 1908 in Sneek geboren. Hij had een tweelingzus Aaltje. Zijn ouders waren Meinte Bosma en Elisabeth de Vries. Zij trouwden op 11 november 1893 in Wymbritseradeel. Meinte was op dat moment schipper, zijn vrouw dienstmeisje. Op 13 oktober 1894 werd in Sneek hun eerste kind geboren: Andries. Vader Meinte was nog steeds schipper. Zijn vrouw woonde bij hem aan boord. Op 1 mei 1896 werd het tweede kind geboren, een dochter, Clara. Op dat moment was Meinte geen schipper meer. Als beroep wordt genoemd werkman. Het echtpaar kreeg in totaal 12 kinderen. In 1925 overleed moeder. Peeke en zijn tweelingzus Aaltje waren toen 16 jaar oud. Hun zus Aukje was 15 en de jongste, Willem, 13 jaar.

De ouders van Peeke waren niet politiek bewust. Na de lagere school bezocht Peeke enkele jaren de ULO. Hij was een jongen met een sterke wil. Kort na het overlijden van zijn moeder liep Peeke weg. Hij ging lopend van Sneek naar Enschede, naar zijn zus Clara.

Het gezin

Op 21 maart 1930 vestigde Peeke zich vanuit Swalmen (Limburg) in Deventer. Hij werd als huzaar in de Boreelkazerne gelegerd. Op 2 juni 1932 trouwde hij in Deventer met Christina Everdina Cornelia de Gram, dienstbode. Hij verliet de kazerne en ging met zijn vrouw bij zijn schoonouders op de Klinkenbeltsweg 43 wonen. Zijn vader was op dat moment fabrieksarbeider, zijn schoonvader los arbeider. Op 13 juli 1932 werd hij als beroepsmilitair met de rang van korporaal uit de Koninklijke Landmacht ontslagen. Het ontslag geschiedde op grond van artikel 22, lid 2, van het Reglement voor de militaire ambtenaren der Koninklijke Landmacht. Dit artikel hield in dat een militair beneden de rang van tweede-luitenant die voor zijn vierentwintigste verjaardag huwde, ontslag kreeg.

Op het adres Klinkenbeltsweg werd op 29 december 1932 dochter Elisabeth (Lies) geboren. In 1934 woonde het gezin zeer korte tijd in de Nijverheidsstraat. Op 16 april 1934 werd de woning aan de Lange Zandstraat 46 betrokken. Daar werd op 14 maart 1935 Christiaan (Chris, overleden op 29 december 2015) geboren. Op hetzelfde adres zag dochter Johanna (Annie) op 18 augustus 1939 het levenslicht. Kort daarna verhuisde het gezin naar Averlostraat 22. Annie overleed in november 1944 op 5 jarige leeftijd aan difterie.  

Raadslid

In Geheim Overzicht, No.6, Jaargang 1938, van de Centrale Inlichtingendienst (CID) is een verslag opgenomen van het op 17 en 18 september 1938 gehouden congres van de RSAP (Revolutionair Socialistische Arbeiderspartij). Op dit derde in Rotterdam gehouden congres werden Johan Roebers en Peeke Bosma gekozen tot algemene leden van het hoofdbestuur. Bosma moet op dat moment al langer lid van deze partij zijn geweest.

Bij de gemeenteraadsverkiezingen op 15 juni 1939 behaalde de RSAP in Deventer 3 zetels. Peeke Bosma trad als nummer twee van de lijst en als jongste raadslid toe tot de Deventer raad. Hij verkeerde daarbij in het gezelschap van twee oude rotten in het vak, Johan Roebers en Albert Johan Gerards. Het weekblad De Peperbus van 16 juni 1939 stelt het nieuwe raadslid kort voor: hij is secretaris van de lokale afdeling van de RSAP, van de Algemene Werklozen Bond en van de Commissie voor Strijd en Solidariteit. De laatste twee organisaties waren nauw verbonden met het Nationaal Arbeids-Secretariaat (NAS), een radicaal linkse koepelorganisatie van Nederlandse Vakbonden. Met de Commissie van Strijd en Solidariteit wordt waarschijnlijk de lokale afdeling van het Comité voor Strijd en Solidariteit bedoeld. Het doel van dit comité was het steun verlenen aan wilde stakingsacties.

In de door de CID opgestelde Lijst van links-extremistische personen geordend per gemeente, met alfabetische klapper, 1939, staat over Bosma het volgende vermeld: van beroep is hij los arbeider; hij is lid van de RSAP; in 1938 lid van het partijbestuur en in 1939 kandidaat voor de RSAP voor de provinciale Staten. 

Overdag werkt Peeke in de werkverschaffing. ’s Avonds is hij vaak voor de partij op pad. Hij trekt op met zijn (latere) mederaadsleden Johan Roebers en Albert Johan Gerards, en met bekende RSAP’ers, zoals Arend Jan Brinks, Jan van Bruggen sr., Johannes Frederik Scherpenhuizen en Jan Albert Tromop.

In augustus 1939 wordt Bosma gemobiliseerd, mogelijk in de buurt van Velsen en IJmuiden.

Uit de raad gezet

Na de meidagen keert hij terug naar huis. Veel tijd om het raadswerk weer op te nemen, is er niet. Want met ingang van de raadsvergadering van 30 juli 1940 wordt hij samen met Johan Roebers, Albert Johan Gerards en het communistische raadslid Aalbert Jan Gerritsen uitgesloten van het raadswerk.

brief3 november 1941aanhouding klDe verslaglegging van deze vergadering is curieus te noemen. De Koerier van 30 juli 1940 vermeldt dat het raadslid Eggink afwezig was en dat de gezondheidstoestand van de burgemeester enige vooruitgang vertoonde; aan hem werd een telegram gestuurd met de wens tot een spoedig algeheel herstel. Geen woord over de afwezige raadsleden. Sterker nog, aan het eind van het verslag worden Bosma en Gerards nog genoemd als raadsleden die respectievelijk tot lid en plaatsvervangend lid van een commissie worden benoemd. Het gaat om de commissie die de rekeningen van de gemeente en de gemeentelijke bedrijven over 1939 moet onderzoeken. In het officiële verslag van de raadsvergadering is naast de afwezigheid van Eggink en de gezondheidsperikelen van de burgemeester wel opgenomen dat de vier bovengenoemde raadsleden afwezig waren, omdat zij zich op last van een brief van de Commissaris der Koningin moesten onthouden van deelneming aan enige werkzaamheid van de raad. De raadsleden Bosma en Gerards worden hier niet als lid en plaatsvervangend lid van de commissie voor de rekeningen genoemd. Op de vergadering van 27 augustus 1940 krijgt de zaak nog een vervolg. Raadslid T. Vierstra (SDAP) geeft bij de behandeling van de notulen van 30 juli aan, dat er een brief van de Commissaris van de Provincie is binnengekomen, waarvan de inhoud niet ter kennis van de raad is gebracht: “De raadsleden hebben alleen kunnen constateren, dat enkele leden niet aanwezig waren.” Uit het antwoord van de burgemeester blijkt dat niet alleen De Koerier met de kwestie in zijn maag zat. Hij geeft namelijk aan dat de brief, die op 30 juli werd ontvangen, een brief aan de burgemeester, in dit geval de waarnemend-burgemeester, was en direct moest worden uitgevoerd.

Peeke Bosma duikt evenals de anderen niet onder. In 1941 is hij als grondwerker in dienst bij de firma A. Waanders & Zn in de Papenstraat. Hij neemt deel aan het langzaam op gang komende verzet. Hij houdt zich bezig met de distributie van illegale bladen en met het verspreiden van gestencilde pamfletten. Hij is de contactman van de RSAP.

Arrestatie              
                                                                                                                
In de morgen van 25 juni 1941 wordt hij op zijn huisadres Averlostraat 22 gearresteerd. De politie van Deventer pakt die ochtend op last van de Duitse autoriteiten in Deventer 17 “revolutionairen” op. Vanuit Apeldoorn wordt eveneens een verdachte van “communistische activiteit” overgebracht en ingesloten. In de loop van de dag worden vier van hen weer vrijgelaten. De overige veertien worden ’s avond om halfzeven door de “Ordnungspolizei” afgehaald.

Gevangen

Zeer waarschijnlijk werd Peeke via de concentratiekampen Schoorl en Amersfoort op 19 november 1941 naar Neuengamme gedeporteerd. Daar kreeg hij gevangennummer 6686. Uitslagen in het Labor Journal van dit kamp geven aan dat hij in juni 1942 aan tbc leed. Op 1 augustus 1942 werd hij naar Dachau overgebracht. Daar was zijn gevangennummer 32871.

Medewerkers van het archief van Dachau en van Lern- und Gedenkort Schloss Hartheim bevestigen dat hij in het kader van Tötungsaktion 14f13 in Schloss Hartheim bij Linz werd vermoord.(2) Hij werd als arbeidsongeschikte geselecteerd. Met 11 andere geselecteerden werd hij op 1 december 1942 vanuit Dachau op transport gesteld. Direct na aankomst in Schloss Hartheim werd hij vergast en daarna verbrand. De overlijdensregistratie van 3 december 1942 in de administratie van Dachau vermeldt opzettelijk een onjuiste doodsoorzaak en plaats van overlijden. Waarschijnlijk overleed Peeke Bosma op de dag dat hij op invalidentransport werd gesteld: 1 december 1942.

Zijn weduwe hoort pas op 10 maart 1943 van zijn overlijden. Het heeft die dag gesneeuwd en het is glad. Daarom loopt zij midden op de weg, de Parellelweg, ter hoogte van inktlintfabriek Carbonia. Een politieagent, die haar op de fiets inhaalt en kennelijk weet wie zij is, deelt haar mee dat haar man is overleden. Later komt er een officiële brief waarin de Duitse autoriteiten meedelen dat Peeke Bosma op 2 december 1942 in Dachau aan “Versagen von Herz und Kreislauf bei offener Lungentuberkulose” is overleden.

(1) Naast de in de tekst genoemde bronnen is gebruik gemaakt van de onderstaande bronnen en literatuur:

* Interview met Lies Rouw-Bosma en Geertje Bosma – van Emst op 27 april 2017;
* Verschillende aktes uit de burgerlijke stand Sneek-Tresoar, archiefnummer 30-34: inv.nr. 1041, aktenr. 278; inv.nr.1043, aktnr. 123; inv.nr. 1044, aktnr. 259; inv.nr. 1046, aktenr. 153; inv.nr. 1048, aktenr. 187; inv.nr. 1050, aktenr. 251; inv.nr. 1052, aktenr. 106; inv.nr. 1053, aktenr. 330, inv.nr. 1055, aktenrs. 332 en 333; inv.nr. 1057, aktenr. 188; inv.nr. 1059, aktenr. 204; inv.nr. 3048, aktenr. 168; inv.nr. 3058, aktenr. 130.
* NL-DvHCO, HCO Stadsarchief Deventer, ID 1414, Bevolkingsregister Deventer, inv.nr. 425, Kazerne 25;
* Register van huwelijken 1932 Deventer, akte 129: NL-DvHCO, HCO Stadsarchief Deventer, ID 0724, Burgerlijke Stand Deventer, inv.nr. 178;
* NL-DvHCO, ID 1414, inv.nr. 333, nr. 0021 en 0022;
* Ontslagbrief als beroepsmilitair der Koninklijke Landmacht van 13 juli 1932;
* NL-DvHCO, ID 0724, inv.nr. 161, aktenr. 630;
* P. Hoekman en J. Houkes, Het Nationaal Arbeids-Secretariaat, Utrecht, 2016, blz. 715 – 726;
* De Koerier van 30 juli 1940;
* Handelingen van den Raad 1940, vergadering van 30 juli 1940, blz. 322; vergadering van 27 augustus 1940, blz. 346 – 347;
* Register van ingekomen en uitgaande stukken 1940 1 januari – augustus 3, nr. 2648, volgnummer 2582: NL-DvHCO, HCO Stadsarchief Deventer, ID 1382, Gemeentebestuur van Deventer II (1930 – 1950) , inv.nr. 130;
* Loonbelastingkaart 1941;
* Gedenksteen aan de Verzetslaan omgekomen verzetsstrijders: NL-DvHCO, HCO Stadsarchief, ID 1441, Gemeentebestuur van Deventer III (1951 – 1993), inv.nr. 820;
* Stukken betreffende de arrestatie van Nederlanders door de Duitse politie: NL-DvHCO, Deventer, ID 1382, inv.nr. 1427, volgnummer 20;
* L. de Jong, Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog, deel 8, tweede helft, Gevangenen en gedeporteerden, ’s-Gravenhage, 1978, blz. 553 – 576;
* Schriftelijke mededeling van 21 juni 2017, met bijlagen, van het archief van KZ Gedenkstätte Dachau;
* Mail, brief en bijlagen van International Tracing Service te Bad Arolsen, van 31 juli 2017;
* Schriftelijke mededeling van 16 oktober 2017, met bijlagen, van Lern- und Gedenkort Schloss Hartheim.

(2) Het selecteren en ombrengen van concentratiekampgevangenen die volgens de nazi’s oud, ziek of arbeidsongeschikt waren.